International Chemical Safety Cards

CHLOORACETYLCHLORIDE ICSC: 0845

Chloorazijnzuurchloride
Monochlooracetylchloride
Chloorethanoylchloride
C2H2Cl2O / ClCH2COCl
Molecuulmassa: 112.9
ICSC nr: 0845
CAS nr: 79-04-9
RTECS nr: AO6475000
VN nr : 1752
EG nr : 607-080-00-1
26.03.1998 Goedgekeurd in vergadering van experten
SOORTEN GEVAAR/ BLOOTSTELLING ONMIDDELLIJK GEVAAR/ SYMPTOMEN VOORKOMEN EERSTE HULP/
BRANDBLUSSEN
BRAND Niet brandbaar. Er komen irriterende of giftige dampen (of gassen) vrij tijdens een brand.

In geval van brand in de omgeving: GEEN water, GEEN waterhoudende blusmiddelen.Poeder, koolzuurgas, alcoholbestendig schuim.
ONTPLOFFING

In geval van brand: vaten, enz., koel houden door te besproeien met water maar voorkom contact van de stof met water.
BLOOTSTELLING
VOORKOM ALLE CONTACT!
RAADPLEEG IN ALLE GEVALLEN EEN ARTS!
  • Inademing
  • Hoesten. Moeizame ademhaling. Brandend gevoel. Blauwe lippen of vingernagels. Kortademigheid. Keelpijn. Symptomen kunnen met vertraging tot uiting komen (zie Nota's).
    Verluchting, plaatselijke afzuiging of ademhalingsbescherming.
    Frisse lucht, rust. Halfzittende houding. Kunstmatige ademhaling kan nodig zijn. Raadpleeg een arts.
  • Huid
  • KAN DOOR DE HUID OPGENOMEN WORDEN! Roodheid. Pijn. Ernstige brandwonden op de huid. Blaren.
    Beschermende handschoenen. Beschermende kledij.
    Verwijder besmette kledij. Spoel de huid met veel water of neem een douche. Raadpleeg een arts.
  • Ogen
  • Pijn. Roodheid. Gestoord zicht. Ernstige diepe brandwonden.
    Gelaatsscherm of oogbescherming in combinatie met ademhalingsbescherming.
    Eerst gedurende verschillende minuten spoelen met veel water (indien mogelijk contactlenzen wegnemen), dan naar een (oog)arts brengen.
  • Inslikken
  • Brandend gevoel. Buikpijn. Diarree. Shock of bezwijmen.
    Niet eten, drinken of roken tijdens het werk. Vóór het eten de handen wassen.
    Spoel de mond. NIET laten braken. Niets laten drinken. Raadpleeg een arts. Zie Nota's.
    OPRUIMEN VAN GEMORSTE STOF OPSLAG VERPAKKING & ETIKETTERING
    Bedek het gemorste product met droog zand. Vang voor zover mogelijk de weglekkende en de gemorste vloeistof op in afsluitbare vaten en voer daarna naar een veilige plaats. NOOIT een waterstraal op de vloeistof richten. (Persoonlijke bescherming: volledig beschermende kledij met onafhankelijk werkend ademhalingsapparaat.)
    Gescheiden van voeding en voeder. Zie Chemische Gevaren. Droog. In een goed verluchte ruimte bewaren.
    Onbreekbare verpakking; plaats breekbare verpakking in een gesloten onbreekbaar vat. Niet samen met voeding en voedingsmiddelen vervoeren.
    Symbool C
    R: 34-37
    S: 1/2-9-26-45
    VN Gevarenklasse: 6.1
    VN Bijkomende risico's: 8
    VN Verpakkingsgroep: II
    LEES BELANGRIJKE INFORMATIE OP DE ACHTERZIJDE
    ICSC: 0845 Gemaakt binnen het kader van de samenwerking tussen het Internationaal Programma over Chemische Veiligheid en de Commissie van de Europese Gemeenschappen (C) IPCV, CEG 2002

    International Chemical Safety Cards

    CHLOORACETYLCHLORIDE ICSC: 0845

    B
    E
    L
    A
    N
    G
    R
    I
    J
    K
    E


    G
    E
    G
    E
    V
    E
    N
    S

    FYSISCHE TOESTAND; VOORKOMEN:
    KLEURLOZE TO GELE VLOEISTOF , MET SCHERPE GEUR.

    FYSISCHE GEVAREN:
    De damp is zwaarder dan lucht.

    CHEMISCHE GEVAREN:
    De stof ontleedt bij verhitting met vorming van giftige en bijtende dampen, onder andere fosgeen en waterstof chloride. Reageert hevig met water, alcoholen, metalen in poedervorm en vele organische bestanddelen, met kans op vergiftigings-, brand en ontploffingsgevaar. Vormt bij contact met lucht een bijtend gas.

    BLOOTSTELLINGSGRENZEN:
    TLV als tijdgewogen gemiddelde: 0.05 ppm; 0.23 mg/m3 (huid) (ACGIH 1997).
    TLV (als (STEL)): 0.15 ppm; 0.69 mg/m3 (ACGIH 1997).
    MAK niet vastgelegd.


    WIJZE VAN OPNAME:
    Het product kan in het lichaam worden opgenomen door inademing van de dampen en aerosols, doorheen de huid en door inslikken.

    INADEMINGSRISICO:
    Een voor de gezondheid schadelijke verontreiniging van de lucht, kan zeer snel worden bereikt bij verdamping van deze stof bij 20°C.

    EFFECTEN BIJ KORTSTONDIGE BLOOTSTELLING:
    Veroorzaakt tranende ogen. De stof is irriterend voor de ogen en is bijtend voor de huid en de luchtwegen. Bijtend bij inslikken. Inademing van damp of aerosol kan longoedeem veroorzaken (zie Nota's). De stof kan effecten hebben op het hart en de bloedvaten Blootstelling ver boven de toegestane beroepsmatige blootstellingsgrenzen kan de dood veroorzaken. De effecten kunnen met vertraging optreden. Medische observatie is aangewezen.

    EFFECTEN BIJ LANGDURIGE OF HERHAALDE BLOOTSTELLING:
    Herhaald of langdurig huidcontact kan huidontsteking veroorzaken. De longen kunnen aangetast worden bij herhaalde of langdurige blootstelling.
    FYSISCHE
    EIGENSCHAPPEN
    Kookpunt: 106°C
    Smeltpunt: -21.8°C
    Relatieve dichtheid (water = 1): 1.4
    Oplosbaarheid in water:
    reactie
    Dampspanning, kPa bij 20°C: 2.5
    Relatieve dampdichtheid (lucht = 1): 3.9
    Relatieve dampdichtheid van het damp/lucht-mengsel bij 20°C (lucht = 1): 1.07
    MILIEUGEGEVENS

    N O T A ' S
    De symptomen van longoedeem worden vaak pas na enkele uren merkbaar en zij worden verergerd door lichamelijke inspanning. Rust en geneeskundige observatie zijn daarom noodzakelijk. Werkkledij NIET mee naar huis nemen.
    Kaart met gegevens voor noodgevallen tijdens het vervoer: TREMCARD (R)-61G61a.
    NFPA gevarencode: H3; F0; R1.
    BIJKOMENDE INFORMATIE
    Grenswaarden voor beroepsmatige blootstelling die in België van toepassing zijn
    ICSC: 0845 CHLOORACETYLCHLORIDE
    (c) IPCV, CEG 2002
    WETTELIJKE KENNISGEVING: Noch de CEG, noch het IPCV, noch de vertalers, noch enige persoon die optreedt voor de CEG of het IPCV zijn verantwoordelijk voor het gebruik dat van deze informatie zou kunnen worden gemaakt. Deze kaart geeft de visie weer van de groep van experten die in het kader van het International Programme on Chemical Safety de kaarten samenstellen en evalueren en kan afwijken van de door nationale wetgeving gedane aanbevelingen of verplichtingen. De gebruiker wordt dus verzocht om de voorschriften in zijn land te raadplegen en op te volgen.
    (c) IPCV, CEG 2002