International Chemical Safety Cards

DECABORAAN ICSC: 0712

B10H14
Molecuulmassa: 122.2
ICSC nr: 0712
CAS nr: 17702-41-9
RTECS nr: HD1400000
VN nr : 1868
10.10.1997 Goedgekeurd in vergadering van experten
SOORTEN GEVAAR/ BLOOTSTELLING ONMIDDELLIJK GEVAAR/ SYMPTOMEN VOORKOMEN EERSTE HULP/
BRANDBLUSSEN
BRAND Brandbaar. Er komen irriterende of giftige dampen (of gassen) vrij tijdens een brand.
GEEN open vuur. GEEN contact met gehalogeneerde stoffen en oxidatiemiddelen.
Speciaal poeder, droog zand, GEEN andere blusmiddelen.
ONTPLOFFING Boven 80°C kunnen ontplofbare damp/lucht mengsels worden gevormd. Fijn verspreide deeltjes vormen ontplofbare mengsels aan de lucht.
Boven 80°C een gesloten systeem, verluchting en een tegen ontploffingen beveiligde electrische uitrusting gebruiken.
In geval van brand: drukhouder koel houden door te besproeien met water maar voorkom contact van de stof met water.
BLOOTSTELLING
VOORKOM VERSPREIDING VAN STOF! STRIKTE HYGIENE!

  • Inademing
  • Hoesten. Duizeligheid. Slaperigheid. Hoofdpijn. Zweten. Misselijkheid. Keelpijn. Zwakte. Beven. Niet gecoördineerde bewegingen. Symptomen kunnen met vertraging tot uiting komen (zie Nota's).
    Verluchting (niet als het om poeder gaat), plaatselijke afzuiging, of ademhalingsbescherming
    Frisse lucht, rust. Raadpleeg een arts.
  • Huid
  • KAN DOOR DE HUID OPGENOMEN WORDEN! Roodheid. (Zie Inademing).
    Beschermende handschoenen. Beschermende kledij.
    Verwijder besmette kledij. Spoel de huid met veel water of neem een douche. Raadpleeg een arts.
  • Ogen
  • Roodheid.
    Gelaatsscherm.
    Eerst gedurende verschillende minuten spoelen met veel water (indien mogelijk contactlenzen wegnemen), dan naar een (oog)arts brengen.
  • Inslikken
  • (Zie Inademing).
    Niet eten, drinken of roken tijdens het werk. Vóór het eten de handen wassen.
    Laten braken (ALLEEN VOOR SLACHTOFFERS DIE BIJ BEWUSTZIJN ZIJN!). Raadpleeg een arts.
    OPRUIMEN VAN GEMORSTE STOF OPSLAG VERPAKKING & ETIKETTERING
    Veeg de gemorste stof bij elkaar en schep in vaten; indien nodig, eerst nat maken om stofvorming te voorkomen. Verzamel zorgvuldig de restanten en voer daarna naar een veilige plaats. (Bijkomende persoonlijke bescherming: volledig beschermende kledij met onafhankelijk werkend ademhalingsapparaat.)
    Brandveilig. Gescheiden van voeding en voedingsmiddelen, halogenen en andere oxidatiemiddelen. Koel. Droog.
    Niet samen met voeding en voedingsmiddelen vervoeren.
    R:
    S:
    VN Gevarenklasse: 4.1
    VN Bijkomende risico's: 6.1
    VN Verpakkingsgroep: II
    LEES BELANGRIJKE INFORMATIE OP DE ACHTERZIJDE
    ICSC: 0712 Gemaakt binnen het kader van de samenwerking tussen het Internationaal Programma over Chemische Veiligheid en de Commissie van de Europese Gemeenschappen (C) IPCV, CEG 2002

    International Chemical Safety Cards

    DECABORAAN ICSC: 0712

    B
    E
    L
    A
    N
    G
    R
    I
    J
    K
    E


    G
    E
    G
    E
    V
    E
    N
    S

    FYSISCHE TOESTAND; VOORKOMEN:
    KLEURLOZE TOT WITTE KRISTALLEN , MET SCHERPE GEUR.

    FYSISCHE GEVAREN:
    Stofexplosie mogelijk indien poeder of korrels, vermengd worden met lucht.

    CHEMISCHE GEVAREN:
    Kan bij verwarming of contact met vlammen ontploffen. De stof ontleedt traag bij verhitting tot 300°C met vorming van boor en het ontvlambare waterstofgas - zie ICSC 0001- en bij verbranding met vorming van giftige dampen (booroxides). Reageert traag met gehalogeneerde materialen en ethers met vorming van schok-gevoelige materialen. Ondergaat explosieve reacties met oxidatiemiddelen. Reageert met water of vocht met vorming van ontvlambaar gas (waterstof - zie ICSC 0001). Tast natuurlijk rubber, sommige synthetische rubbers, sommige vetten en sommige smeermiddelen aan.

    BLOOTSTELLINGSGRENZEN:
    Drempelwaarde: 0.05 ppm (als TWA); 0.15 ppm (als STEL) (huid) (ACGIH 2002).
    MAK: 0.05 ppm; 0.25 mg/m3; H; categorie begrenzing hoogste waarde: II(2) (2001).


    WIJZE VAN OPNAME:
    De stof kan in het lichaam worden opgenomen door inademing van de aerosol , doorheen de huid en door inslikken.

    INADEMINGSRISICO:
    Een voor de gezondheid schadelijke verontreiniging van de lucht, zal eerder snel worden bereikt bij verdamping van deze stof bij 20°C.

    EFFECTEN BIJ KORTSTONDIGE BLOOTSTELLING:
    De aerosol is irriterend voor de ogen , de huid en de luchtwegen. De stof kan effecten hebben op het centraal zenuwstelsel , met als gevolg vermoeidheid, overmatige prikkelbaarheid en verdoving. De effecten kunnen met vertraging optreden. Medische observatie is aangewezen.

    EFFECTEN BIJ LANGDURIGE OF HERHAALDE BLOOTSTELLING:
    De stof kan effecten hebben op het centraal zenuwstelsel , met als gevolg vermoeidheid, onvermogen om zich te concentreren en gebrek aan coördinatie.
    FYSISCHE
    EIGENSCHAPPEN
    Kookpunt: 213°C
    Smeltpunt: 99.6°C
    Relatieve dichtheid (water = 1): 0.9
    Oplosbaarheid in water: Zawk oplosbaar in koud water; hydrolyseert in heet water
    Dampspanning, Pa bij 25°C: 6.65
    Relatieve dampdichtheid (lucht = 1): 4.2 (bij het kookpunt)
    Relatieve dampdichtheid van het damp/lucht-mengsel bij 20°C (lucht = 1): 1.00
    Vlampunt: 80°C (gesloten vat)
    Zelfontbrandingstemperatuur: 149°C
    Ontploffingsgrenzen, vol% in lucht: zie Nota's
    MILIEUGEGEVENS

    N O T A ' S
    Het optreden van symptomen is dikwijls met 24 tot 48 uur na de blootstelling vertraagd. Ontploffingsgrenzen worden in de literatuur niet opgegeven. Reageert hevig met brandblusmiddelen zoals halonen. Bij het overschrijden van de blootstellingsgrenswaarde is er onvoldoende waarschuwing door de geur. Werkkledij NIET mee naar huis nemen.
    NFPA gevarencode: H3; F2; R1.
    BIJKOMENDE INFORMATIE
    Grenswaarden voor beroepsmatige blootstelling die in België van toepassing zijn
    ICSC: 0712 DECABORAAN
    (c) IPCV, CEG 2002
    WETTELIJKE KENNISGEVING: Noch de CEG, noch het IPCV, noch de vertalers, noch enige persoon die optreedt voor de CEG of het IPCV zijn verantwoordelijk voor het gebruik dat van deze informatie zou kunnen worden gemaakt. Deze kaart geeft de visie weer van de groep van experten die in het kader van het International Programme on Chemical Safety de kaarten samenstellen en evalueren en kan afwijken van de door nationale wetgeving gedane aanbevelingen of verplichtingen. De gebruiker wordt dus verzocht om de voorschriften in zijn land te raadplegen en op te volgen.
    (c) IPCV, CEG 2002