International Chemical Safety Cards

FOSFORTRICHLORIDE ICSC: 0696

PCl3
Molecuulmassa: 137.35
ICSC nr: 0696
CAS nr: 7719-12-2
RTECS nr: TH3675000
VN nr : 1809
EG nr : 015-007-00-4
08.10.1997 Goedgekeurd in vergadering van experten
SOORTEN GEVAAR/ BLOOTSTELLING ONMIDDELLIJK GEVAAR/ SYMPTOMEN VOORKOMEN EERSTE HULP/
BRANDBLUSSEN
BRAND Niet brandbaar. Veel reacties kunnen brand of ontploffing veroorzaken. Er komen irriterende of giftige dampen (of gassen) vrij tijdens een brand.
GEEN contact met water.
GEEN waterhoudende middelen. GEEN water. In geval van brand in de omgeving: poeder, koolzuurgas en droog zand.
ONTPLOFFING

In geval van brand: vaten, enz., koel houden door te besproeien met water maar voorkom contact van de stof met water.
BLOOTSTELLING
VOORKOM ALLE CONTACT!
RAADPLEEG IN ALLE GEVALLEN EEN ARTS!
  • Inademing
  • Keelpijn. Hoesten. Brandend gevoel. Misselijkheid. Braken. Kortademigheid. Moeizame ademhaling. Symptomen kunnen met vertraging tot uiting komen (zie Nota's).
    Verluchting, plaatselijke afzuiging of ademhalingsbescherming.
    Frisse lucht, rust. Halfzittende houding. Kunstmatige ademhaling kan nodig zijn. Raadpleeg een arts.
  • Huid
  • Pijn. Roodheid. Blaren. Brandwonden op de huid.
    Beschermende handschoenen. Beschermende kledij.
    Verwijder besmette kledij. Spoel de huid met veel water of neem een douche. Raadpleeg een arts.
  • Ogen
  • Pijn. Roodheid. Tranen. Ernstige diepe brandwonden. Verlies van het gezichtsvermogen.
    Gelaatsscherm of oogbescherming in combinatie met ademhalingsbescherming .
    Eerst gedurende verschillende minuten spoelen met veel water (indien mogelijk contactlenzen wegnemen), dan naar een (oog)arts brengen.
  • Inslikken
  • Brandend gevoel. Buikpijn. Shock of bezwijmen. (Verder: zie Inademing).
    Niet eten, drinken of roken tijdens het werk.
    Spoel de mond. NIET laten braken. Raadpleeg een arts.
    OPRUIMEN VAN GEMORSTE STOF OPSLAG VERPAKKING & ETIKETTERING
    Ontruim de gevarenzone! Raadpleeg een deskundige! Verluchting. Vang voor zover mogelijk de weglekkende en de gemorste vloeistof op in afsluitbare vaten. De overblijvende vloeistof in droog zand of inert materiaal laten opslorpen en naar een veilige plaats voeren. (Bijkomende persoonlijke bescherming: chemisch bestendig werkpak met onafhankelijk werkend ademhalingsapparaat.)
    Voorzieningen aanbrengen om weglopende vloeistoffen, gebruikt bij het blussen van brand, op te vangen. Gescheiden van voeding en voedingsmiddelen. Zie Chemische Gevaren. Droog. Goed gesloten. Verluchting langs de vloer.
    Luchtdicht. Onbreekbare verpakking; plaats breekbare verpakking in een gesloten onbreekbaar vat. Niet samen met voeding en voedingsmiddelen vervoeren.
    Symbool T+
    Symbool C
    R: 14-26/28-35-48/20
    S: 1/2-7/8-26-36/37/39-45
    VN Gevarenklasse: 6.1
    VN Bijkomende risico's: 8
    VN Verpakkingsgroep: I
    LEES BELANGRIJKE INFORMATIE OP DE ACHTERZIJDE
    ICSC: 0696 Gemaakt binnen het kader van de samenwerking tussen het Internationaal Programma over Chemische Veiligheid en de Commissie van de Europese Gemeenschappen (C) IPCV, CEG 2002

    International Chemical Safety Cards

    FOSFORTRICHLORIDE ICSC: 0696

    B
    E
    L
    A
    N
    G
    R
    I
    J
    K
    E


    G
    E
    G
    E
    V
    E
    N
    S

    FYSISCHE TOESTAND; VOORKOMEN:
    KLEURLOZE OF GELE, ROKENDE VLOEISTOF , MET SCHERPE GEUR.

    FYSISCHE GEVAREN:
    De damp is zwaarder dan lucht.

    CHEMISCHE GEVAREN:
    De stof ontleedt bij verhitting met vorming van giftige en bijtende dampen onder andere waterstofchloride en fosforoxides. Reageert met oxiderende stoffen. Reageert hevig met water met vorming van warmte en ontbindingsproducten waaronder zoutzuur en fosforigzuur waardoor brand- en ontploffingsgevaar ontstaat. Reageert hevig met alcoholen, fenolen en basen. Tast metalen en vele andere materialen aan.

    BLOOTSTELLINGSGRENZEN:
    Drempelwaarde (als TWA): 0.2 ppm; als STEL: 0.5 ppm; (ACGIH 2004).
    MAK: 0.5 ppm; 2.8 mg/m3; categorie begrenzing hoogste waarde: I(1);
    Risicogroep met betrekking tot de zwangerschap: IIc;
    (DFG 2004).


    WIJZE VAN OPNAME:
    De stof kan in het lichaam worden opgenomen door inademing of door inslikken.

    INADEMINGSRISICO:
    Een voor de gezondheid schadelijke verontreiniging van de lucht, kan zeer snel worden bereikt bij verdamping van deze stof bij 20°C.

    EFFECTEN BIJ KORTSTONDIGE BLOOTSTELLING:
    De stof is bijtend voor de ogen , de huid en de luchtwegen. Inademing van de damp kan longoedeem veroorzaken (zie Nota's). Blootstelling boven de toegestane grenzen kan de dood veroorzaken. De effecten kunnen met vertraging optreden. Medische observatie is aangewezen.

    EFFECTEN BIJ LANGDURIGE OF HERHAALDE BLOOTSTELLING:
    FYSISCHE
    EIGENSCHAPPEN
    Kookpunt: 76°C
    Smeltpunt: -112°C
    Relatieve dichtheid (water = 1): 1.6
    Oplosbaarheid in water: reactie
    Dampspanning, kPa bij 21°C: 13.3
    Relatieve dampdichtheid (lucht = 1): 4.75
    Relatieve dampdichtheid van het damp/lucht-mengsel bij 20°C (lucht = 1): 1.5
    MILIEUGEGEVENS

    N O T A ' S
    Reageert hevig met brandblusmiddelen zoals water. De symptomen van longoedeem worden vaak pas na enkele uren merkbaar en zij worden verergerd door lichamelijke inspanning. Rust en geneeskundige observatie zijn daarom noodzakelijk. Onmiddellijke behandeling door een arts of een door deze laatste gemachtigd persoon, met gepaste geneesmiddelen voor inademing dient overwogen te worden. De temperatuur waarbij ontbinding optreedt is niet bekend in de litaratuur. Deze kaart werd gedeeltelijk aangepast in october 2004. Zie hoofdstukken: Blootstellingsgrenzen, EG classificatie, Noodgevallen.
    Kaart met gegevens voor noodgevallen tijdens het vervoer: TREMCARD (R)-61S1809
    .
    NFPA gevarencode: H3; F0; R2; W
    .
    BIJKOMENDE INFORMATIE
    Grenswaarden voor beroepsmatige blootstelling die in België van toepassing zijn
    ICSC: 0696 FOSFORTRICHLORIDE
    (c) IPCV, CEG 2002
    WETTELIJKE KENNISGEVING: Noch de CEG, noch het IPCV, noch de vertalers, noch enige persoon die optreedt voor de CEG of het IPCV zijn verantwoordelijk voor het gebruik dat van deze informatie zou kunnen worden gemaakt. Deze kaart geeft de visie weer van de groep van experten die in het kader van het International Programme on Chemical Safety de kaarten samenstellen en evalueren en kan afwijken van de door nationale wetgeving gedane aanbevelingen of verplichtingen. De gebruiker wordt dus verzocht om de voorschriften in zijn land te raadplegen en op te volgen.
    (c) IPCV, CEG 2002