International Chemical Safety Cards

METHYLPARATHION ICSC: 0626

O,O-Dimethyl-O-4-nitrofenylthiofosfaat
Parathion-methyl
C8H10NO5PS
Molecuulmassa: 263.8
ICSC nr: 0626
CAS nr: 298-00-0
RTECS nr: TG0175000
VN nr : 2783
EG nr : 015-035-00-7
08.10.1997 Goedgekeurd in vergadering van experten
SOORTEN GEVAAR/ BLOOTSTELLING ONMIDDELLIJK GEVAAR/ SYMPTOMEN VOORKOMEN EERSTE HULP/
BRANDBLUSSEN
BRAND Niet brandbaar. Vloeibare bereidingen van de stof die organische oplosmiddelen bevatten, kunnen ontvlambaar zijn. Zie Nota's.

In geval van brand in de omgeving: alle blusmiddelen toegelaten.
ONTPLOFFING Brand- en ontploffingsgevaar als bereidingen van de stof brandbare/ontplofbare oplosmiddelen bevatten.


BLOOTSTELLING
VOORKOM VERSPREIDING VAN STOF! STRIKTE HYGIENE! VOORKOM BLOOTSTELLING VAN ADOLESCENTEN EN KINDEREN!
RAADPLEEG IN ALLE GEVALLEN EEN ARTS!
  • Inademing
  • Zweten. Misselijkheid. Braken. Duizeligheid. Vernauwen van de pupillen, spierkrampen, overmatige speekselvorming. Moeizame ademhaling. Stuiptrekkingen. Bewusteloosheid. Symptomen kunnen met vertraging tot uiting komen (zie Nota's).
    Plaatselijke afzuiging of ademhalingsbescherming.
    Frisse lucht, rust. Raadpleeg een arts.
  • Huid
  • KAN DOOR DE HUID OPGENOMEN WORDEN! Spier samentrekkingen. (Zie Inademing).
    Beschermende handschoenen. Beschermende kledij.
    Verwijder besmette kledij. Spoel en was daarna de huid met water en zeep. Raadpleeg een arts.
  • Ogen
  • Roodheid. Pijn. Gestoord zicht. Vernauwing van de pupillen.
    Gelaatsscherm of oogbescherming in combinatie met ademhalingsbescherming als het poeder betreft.
    Eerst gedurende verschillende minuten spoelen met veel water (indien mogelijk contactlenzen wegnemen), dan naar een (oog)arts brengen.
  • Inslikken
  • Misselijkheid. Braken. Buikkrampen. Diarree. Vernauwing van de pupillen. Spierkrampen. Moeizaam ademhalen. Bewusteloosheid.
    Niet eten, drinken of roken tijdens het werk.
    Laten braken (ALLEEN VOOR SLACHTOFFERS DIE BIJ BEWUSTZIJN ZIJN!). Rust. Raadpleeg een arts.
    OPRUIMEN VAN GEMORSTE STOF OPSLAG VERPAKKING & ETIKETTERING
    Veeg de gemorste stof bij elkaar en schep in vaten; indien nodig, eerst nat maken om stofvorming te voorkomen. Verzamel zorgvuldig de restanten en voer daarna naar een veilige plaats. Deze stof NIET in het milieu laten terecht komen. (Bijkomende persoonlijke bescherming: volledig beschermende kledij met onafhankelijk werkend ademhalingsapparaat.)
    Gescheiden van voeding en voedingsmiddelen. Koel. Droog. In het donker bewaren. In een goed verluchte ruimte bewaren.
    Luchtdicht. Niet samen met voeding en voedingsmiddelen vervoeren.
    Is ernstig vervuilend voor de zee.
    Symbool T+
    R: 24-28
    S: 1/2-28-36/37-45
    VN Gevarenklasse: 6.1
    LEES BELANGRIJKE INFORMATIE OP DE ACHTERZIJDE
    ICSC: 0626 Gemaakt binnen het kader van de samenwerking tussen het Internationaal Programma over Chemische Veiligheid en de Commissie van de Europese Gemeenschappen (C) IPCV, CEG 2002

    International Chemical Safety Cards

    METHYLPARATHION ICSC: 0626

    B
    E
    L
    A
    N
    G
    R
    I
    J
    K
    E


    G
    E
    G
    E
    V
    E
    N
    S

    FYSISCHE TOESTAND; VOORKOMEN:
    VASTE STOF IN DIVERSE VORMEN

    FYSISCHE GEVAREN:


    CHEMISCHE GEVAREN:
    Bij verhitting, worden giftige dampen gevormd.

    BLOOTSTELLINGSGRENZEN:
    Drempelwaarde: 0.2 mg/m3; (als TWA) A4 BEI (huid) (ACGIH 2002).


    WIJZE VAN OPNAME:
    De stof kan in het lichaam worden opgenomen door inademing van de aerosol , doorheen de huid en door inslikken.

    INADEMINGSRISICO:
    Verdamping bij 20°C is verwaarloosbaar; een voor de gezondheid schadelijke concentratie van in de lucht zwevende deeltjes kan echter snel bereikt worden bij verstuiven of sproeien.

    EFFECTEN BIJ KORTSTONDIGE BLOOTSTELLING:
    De stof kan effecten hebben op het zenuwstelsel , met als gevolg stuiptrekkingen, ademhalingsfalen en de dood. Remming van cholinesterase. Blootstelling ver boven de toegestane grenzen kan de dood veroorzaken. De effecten kunnen met vertraging optreden. Medische observatie is aangewezen.

    EFFECTEN BIJ LANGDURIGE OF HERHAALDE BLOOTSTELLING:
    De stof kan effecten hebben op het zenuwstelsel. Remming van cholinesterase; een cumulatief effect is mogelijk: zie acute gevaren/symptomen.
    FYSISCHE
    EIGENSCHAPPEN
    Smeltpunt: 35-38°C
    Relatieve dichtheid (water = 1): 1.4
    Oplosbaarheid in water, g/100 ml: 0.0055
    Dampspanning, Pa bij 20°C: 0.13
    Relatieve dampdichtheid (lucht = 1): 9.1
    Vlampunt: 46°C
    Octanol/water verdelingscoëfficiënt als log Pow: 2.68
    MILIEUGEGEVENS
    De stof is zeer giftig voor waterorganismen. Deze stof kan schadelijk zijn voor het milieu; speciale aandacht dient aan de bijen besteed te worden.
    N O T A ' S
    Afhankelijk van de mate van blootstelling, is regelmatig medisch onderzoek aangewezen. De symptomen van vergiftiging worden pas merkbaar na enige uren. In geval van vergiftiging met deze stof dient een aangepaste behandeling te worden gegeven; de nodige middelen met richtlijnen voor het gebruik ervan dienen beschikbaar te zijn. Oplosmiddelen gebruikt in commerciële bereidingen kunnen de fysische en toxicologische eigenschappen veranderen. Werkkledij NIET mee naar huis nemen. Metacide, Bladan-M, Folidol-M en Nitrox-80 zijn handelsnamen.
    Kaart met gegevens voor noodgevallen tijdens het vervoer: TREMCARD (R)-61G41a
    .
    BIJKOMENDE INFORMATIE
    Grenswaarden voor beroepsmatige blootstelling die in België van toepassing zijn
    ICSC: 0626 METHYLPARATHION
    (c) IPCV, CEG 2002
    WETTELIJKE KENNISGEVING: Noch de CEG, noch het IPCV, noch de vertalers, noch enige persoon die optreedt voor de CEG of het IPCV zijn verantwoordelijk voor het gebruik dat van deze informatie zou kunnen worden gemaakt. Deze kaart geeft de visie weer van de groep van experten die in het kader van het International Programme on Chemical Safety de kaarten samenstellen en evalueren en kan afwijken van de door nationale wetgeving gedane aanbevelingen of verplichtingen. De gebruiker wordt dus verzocht om de voorschriften in zijn land te raadplegen en op te volgen.
    (c) IPCV, CEG 2002