International Chemical Safety Cards

CARBOFENOTION ICSC: 0410

4-Chloorfenylthiomethyl-O,O-diethyldithiofosfaat
C11H16ClO2PS3 / (CH3CH2)2P(S)SCH2SC6H4Cl
Molecuulmassa: 342.9
ICSC nr: 0410
CAS nr: 786-19-6
RTECS nr: TD5250000
VN nr : 3018
EG nr : 015-044-00-6
07.04.1997 Goedgekeurd in vergadering van experten
SOORTEN GEVAAR/ BLOOTSTELLING ONMIDDELLIJK GEVAAR/ SYMPTOMEN VOORKOMEN EERSTE HULP/
BRANDBLUSSEN
BRAND Brandbaar. Vloeibare bereidingen van de stof die organische oplosmiddelen bevatten, kunnen ontvlambaar zijn. Er komen irriterende of giftige dampen (of gassen) vrij tijdens een brand.
GEEN open vuur.
Poeder, sproeistraal van water, schuim, koolzuurgas.
ONTPLOFFING Brand- en ontploffingsgevaar als bereidingen van de stof brandbare/ontplofbare oplosmiddelen bevatten.


BLOOTSTELLING
VOORKOM VORMING VAN NEVELS! STRIKTE HYGIENE! VOORKOM BLOOTSTELLING VAN ADOLESCENTEN EN KINDEREN!
RAADPLEEG IN ALLE GEVALLEN EEN ARTS!
  • Inademing
  • Vernauwen van de pupillen, spierkrampen, overmatige speekselvorming. Zweten. Misselijkheid. Hoofdpijn. Duizeligheid. Moeizame ademhaling. Stuiptrekkingen. Bewusteloosheid.
    Verluchting (niet als het om poeder gaat), plaatselijke afzuiging of ademhalingsbescherming
    Frisse lucht, rust. Raadpleeg een arts.
  • Huid
  • KAN DOOR DE HUID OPGENOMEN WORDEN! Samentrekkingen van de spieren. (Zie Inademing).
    Beschermende handschoenen. Beschermende kledij.
    Verwijder besmette kledij. Spoel en was daarna de huid met water en zeep. Raadpleeg een arts.
  • Ogen
  • Roodheid. Pijn. Gestoord zicht.
    Gelaatsscherm of oogbescherming in combinatie met ademhalingsbescherming .
    Eerst gedurende verschillende minuten spoelen met veel water (indien mogelijk contactlenzen wegnemen), dan naar een (oog)arts brengen.
  • Inslikken
  • Samentrekkingen van de spieren. Buikkrampen. Braken. Diarree. (Zie Inademing).
    Niet eten, drinken of roken tijdens het werk. Vóór het eten de handen wassen.
    Spoel de mond. Een brij van geactiveerde koolstof in water te drinken geven. Laten braken (ALLEEN VOOR SLACHTOFFERS DIE BIJ BEWUSTZIJN ZIJN!). Rust. Raadpleeg een arts.
    OPRUIMEN VAN GEMORSTE STOF OPSLAG VERPAKKING & ETIKETTERING
    Vang voor zover mogelijk de weglekkende en de gemorste vloeistof op in afsluitbare vaten. De overblijvende vloeistof in zand of inert materiaal laten opslorpen en naar een veilige plaats voeren. NIET in de riool spoelen. (Bijkomende persoonlijke bescherming: chemisch bestendig werkpak met onafhankelijk werkend ademhalingsapparaat.)
    Voorzieningen aanbrengen om weglopende vloeistoffen, gebruikt bij het blussen van brand, op te vangen. Gescheiden van voeding en voedingsmiddelen. In een goed verluchte ruimte bewaren.
    Niet samen met voeding en voedingsmiddelen vervoeren.
    Is ernstig vervuilend voor de zee.
    Symbool T
    Symbool N
    R: 24/25-50/53
    S: 1/2-28-36/37-45-60-61
    VN Gevarenklasse: 6.1
    VN Verpakkingsgroep: II
    LEES BELANGRIJKE INFORMATIE OP DE ACHTERZIJDE
    ICSC: 0410 Gemaakt binnen het kader van de samenwerking tussen het Internationaal Programma over Chemische Veiligheid en de Commissie van de Europese Gemeenschappen (C) IPCV, CEG 2002

    International Chemical Safety Cards

    CARBOFENOTION ICSC: 0410

    B
    E
    L
    A
    N
    G
    R
    I
    J
    K
    E


    G
    E
    G
    E
    V
    E
    N
    S

    FYSISCHE TOESTAND; VOORKOMEN:
    KLEURLOZE VLOEISTOF , MET KENMERKENDE GEUR.

    FYSISCHE GEVAREN:


    CHEMISCHE GEVAREN:
    De stof ontleedt bij verhitting of bij verbranding met vorming van giftige dampen, onder andere fosforoxides, zwaveloxides en waterstofchloride.

    BLOOTSTELLINGSGRENZEN:
    TLV niet vastgelegd.


    WIJZE VAN OPNAME:
    De stof kan in het lichaam worden opgenomen door inademing van de aerosol , doorheen de huid en door inslikken.

    INADEMINGSRISICO:
    Verdamping bij 20°C is verwaarloosbaar; een voor de gezondheid schadelijke concentratie van in de lucht zwevende deeltjes kan echter snel bereikt worden bij sproeien.

    EFFECTEN BIJ KORTSTONDIGE BLOOTSTELLING:
    De stof kan effecten hebben op het zenuwstelsel , met als gevolg stuiptrekkingen en ademhalingsfalen. Remming van cholinesterase. Blootstelling kan de dood veroorzaken. De effecten kunnen met vertraging optreden. Medische observatie is aangewezen.

    EFFECTEN BIJ LANGDURIGE OF HERHAALDE BLOOTSTELLING:
    Remming van cholinesterase; een cumulatief effect is mogelijk: zie acute gevaren/symptomen.
    FYSISCHE
    EIGENSCHAPPEN
    Kookpunt bij 0.0013kPa: 82°C
    Relatieve dichtheid (water = 1): 1.3
    Oplosbaarheid in water: geen
    Dampspanning, Pa bij 20°C: verwaarloosbaar
    Relatieve dampdichtheid (lucht = 1): 11.8
    Relatieve dampdichtheid van het damp/lucht-mengsel bij 20°C (lucht = 1): 1.00
    Octanol/water verdelingscoëfficiënt als log Pow: 5.1
    MILIEUGEGEVENS
    De stof is zeer giftig voor waterorganismen. Deze stof kan schadelijk zijn voor het milieu; speciale aandacht dient aan de bijen en de vogels besteed te worden. De stof kan langdurige effecten hebben voor het watermilieu. Vermijden dat deze stof op een andere wijze dan door het normaal gebruik in het milieu terechtkomt.
    N O T A ' S
    Afhankelijk van de mate van blootstelling, is regelmatig medisch onderzoek aangewezen. In geval van vergiftiging met deze stof dient een aangepaste behandeling te worden gegeven; de nodige middelen met richtlijnen voor het gebruik ervan dienen beschikbaar te zijn. Indien de stof verwerkt is in een bereiding met oplosmiddelen, ook de ICSC kaart(en) hiervan raadplegen. Oplosmiddelen gebruikt in commerciële bereidingen kunnen de fysische en toxicologische eigenschappen veranderen. Werkkledij NIET mee naar huis nemen. Acarithion, Dagadip, Garrathion, Nephocarb en Trithion zijn handelsnamen.
    Kaart met gegevens voor noodgevallen tijdens het vervoer: TREMCARD (R)-61G43b
    .
    BIJKOMENDE INFORMATIE
    Grenswaarden voor beroepsmatige blootstelling die in België van toepassing zijn
    ICSC: 0410 CARBOFENOTION
    (c) IPCV, CEG 2002
    WETTELIJKE KENNISGEVING: Noch de CEG, noch het IPCV, noch de vertalers, noch enige persoon die optreedt voor de CEG of het IPCV zijn verantwoordelijk voor het gebruik dat van deze informatie zou kunnen worden gemaakt. Deze kaart geeft de visie weer van de groep van experten die in het kader van het International Programme on Chemical Safety de kaarten samenstellen en evalueren en kan afwijken van de door nationale wetgeving gedane aanbevelingen of verplichtingen. De gebruiker wordt dus verzocht om de voorschriften in zijn land te raadplegen en op te volgen.
    (c) IPCV, CEG 2002