International Chemical Safety Cards

ZINKOXIDE ICSC: 0208

Zinkwit
Zinkmonoxide
ZnO
Molecuulmassa: 81.4
ICSC nr: 0208
CAS nr: 1314-13-2
RTECS nr: ZH4810000
EG nr : 030-013-00-7
21.04.2004 Goedgekeurd in vergadering van experten
SOORTEN GEVAAR/ BLOOTSTELLING ONMIDDELLIJK GEVAAR/ SYMPTOMEN VOORKOMEN EERSTE HULP/
BRANDBLUSSEN
BRAND Niet brandbaar.

In geval van brand in de omgeving: gebruik geschikte blusmiddelen.
ONTPLOFFING


BLOOTSTELLING
VOORKOM VERSPREIDING VAN STOF!

  • Inademing
  • Keelpijn. Hoofdpijn. Koorts of verhoogde lichaamstemperatuur. Misselijkheid. Braken. Zwakte. Koude rillingen. Spierpijn. Symptomen kunnen met vertraging tot uiting komen (zie Nota's).
    Plaatselijke afzuiging of ademhalingsbescherming.
    Frisse lucht, rust. Raadpleeg een arts.
  • Huid

  • Beschermende handschoenen.
    Spoel en was daarna de huid met water en zeep.
  • Ogen

  • Stof- of spatbril.
    Eerst gedurende verschillende minuten spoelen met veel water (indien mogelijk contactlenzen wegnemen), dan naar een (oog)arts brengen.
  • Inslikken
  • Buikpijn. Diarree. Misselijkheid. Braken.
    Niet eten, drinken of roken tijdens het werk.
    Spoel de mond. Raadpleeg een arts.
    OPRUIMEN VAN GEMORSTE STOF OPSLAG VERPAKKING & ETIKETTERING
    Veeg de gemorste stof bij elkaar en schep in vaten; indien nodig, eerst nat maken om stofvorming te voorkomen. Verzamel zorgvuldig de restanten en voer daarna naar een veilige plaats. (Persoonlijke bescherming: filtermasker met P2 filter voor schadelijke deeltjes.)


    Symbool N
    R: 50/53
    S: 60-61
    LEES BELANGRIJKE INFORMATIE OP DE ACHTERZIJDE
    ICSC: 0208 Gemaakt binnen het kader van de samenwerking tussen het Internationaal Programma over Chemische Veiligheid en de Commissie van de Europese Gemeenschappen (C) IPCV, CEG 2002

    International Chemical Safety Cards

    ZINKOXIDE ICSC: 0208

    B
    E
    L
    A
    N
    G
    R
    I
    J
    K
    E


    G
    E
    G
    E
    V
    E
    N
    S

    FYSISCHE TOESTAND; VOORKOMEN:
    WIT POEDER.

    FYSISCHE GEVAREN:


    CHEMISCHE GEVAREN:
    Reageert hevig met aluminium en magnesium poeder en met gechloreerd rubber bij verwarming, met kans op brand en ontploffing.

    BLOOTSTELLINGSGRENZEN:
    TLV: (als inadembare fractie) 2 mg/m³ als TIJDGEWOGEN GEMIDDELDE; (ACGIH 2004). TLV: (als inadembare fractie) 10 mg/m³ als drempelwaarde voor korte tijd; (ACGIH 2004).
    MAK: (voor damp; inadembare fractie) 1 mg/m³;
    Categorie begrenzing hoogste waarde: I(1);
    (DFG 2003).


    WIJZE VAN OPNAME:
    Het product kan in het lichaam worden opgenomen door inademing van een aerosol en door inslikken.

    INADEMINGSRISICO:
    Een voor de gezondheid schadelijke concentratie van in de lucht zwevende deeltjes kan snel bereikt worden vooral met zinkoxide deeltjes in damp.

    EFFECTEN BIJ KORTSTONDIGE BLOOTSTELLING:
    Inademing van dampen kan metaaldampkoorts veroorzaken. De stof onder de vorm van dampen is irriterend voor de luchtwegen . De effecten kunnen met vertraging optreden. Zie Nota's.

    EFFECTEN BIJ LANGDURIGE OF HERHAALDE BLOOTSTELLING:
    FYSISCHE
    EIGENSCHAPPEN
    Smeltpunt: 1975 °C
    Dichtheid: 5.6
    g/cm3
    Oplosbaarheid in water: geen
    MILIEUGEGEVENS

    N O T A ' S
    De symptomen van metaaldampkoorts worden pas merkbaar na enkele uren. Deze kaart werd gedeeltelijk aangepast in october 2004. Zie hoofdstukken: Blootstellingsgrenzen, EG classificatie, Noodgevallen.
    BIJKOMENDE INFORMATIE
    Grenswaarden voor beroepsmatige blootstelling die in België van toepassing zijn
    ICSC: 0208 ZINKOXIDE
    (c) IPCV, CEG 2002
    WETTELIJKE KENNISGEVING: Noch de CEG, noch het IPCV, noch de vertalers, noch enige persoon die optreedt voor de CEG of het IPCV zijn verantwoordelijk voor het gebruik dat van deze informatie zou kunnen worden gemaakt. Deze kaart geeft de visie weer van de groep van experten die in het kader van het International Programme on Chemical Safety de kaarten samenstellen en evalueren en kan afwijken van de door nationale wetgeving gedane aanbevelingen of verplichtingen. De gebruiker wordt dus verzocht om de voorschriften in zijn land te raadplegen en op te volgen.
    (c) IPCV, CEG 2002