International Chemical Safety Cards

BROOM ICSC: 0107

Br2
Molecuulmassa: 159.8
ICSC nr: 0107
CAS nr: 7726-95-6
RTECS nr: EF9100000
VN nr : 1744
EG nr : 035-001-00-5
22.04.2004 Goedgekeurd in vergadering van experten
SOORTEN GEVAAR/ BLOOTSTELLING ONMIDDELLIJK GEVAAR/ SYMPTOMEN VOORKOMEN EERSTE HULP/
BRANDBLUSSEN
BRAND Niet brandbaar maar bevordert de verbranding van andere stoffen. Veel reacties kunnen brand of ontploffing veroorzaken. Verhitting zal de druk doen toenemen met kans op barsten.
GEEN contact met ontvlambare stoffen.
In geval van brand in de omgeving: alle blusmiddelen toegelaten.
ONTPLOFFING Brand- en ontploffingsgevaar bij contact met brandbare producten, reducerende middelen, metalen en ammoniakoplossing in water.

In geval van brand: drukhouder koel houden door te besproeien met water.
BLOOTSTELLING
VOORKOM VORMING VAN NEVELS! VOORKOM ALLE CONTACT!
RAADPLEEG IN ALLE GEVALLEN EEN ARTS!
  • Inademing
  • Hoesten. Piepende ademhaling. Moeizame ademhaling. Symptomen kunnen met vertraging tot uiting komen (zie Nota's).
    Gesloten systeem en verluchting.
    Frisse lucht, rust. Halfzittende houding. Kunstmatige ademhaling kan nodig zijn. Raadpleeg een arts.
  • Huid
  • Brandwonden op de huid. Pijn. Symptomen kunnen met vertraging optreden.
    Beschermende handschoenen. Beschermende kledij.
    Spoel met veel water, verwijder dan besmette kledij en spoel opnieuw. Raadpleeg een arts.
  • Ogen
  • Waterige ogen. Roodheid. Pijn. Ernstige, diepe brandwonden.
    Stof- of spatbril, gelaatsscherm of oogbescherming in combinatie met ademhalingsbescherming.
    Eerst gedurende verschillende minuten spoelen met veel water (indien mogelijk contactlenzen wegnemen), dan naar een (oog)arts brengen.
  • Inslikken
  • Buikpijn. Brandend gevoel. Shock of bezwijmen.
    Niet eten, drinken of roken tijdens het werk.
    Spoel de mond. NIET laten braken. Veel water laten drinken. Raadpleeg een arts.
    OPRUIMEN VAN GEMORSTE STOF OPSLAG VERPAKKING & ETIKETTERING
    Ontruim de gevarenzone! Raadpleeg een deskundige! Verluchting. Vang weglekkende vloeistof op in afsluitbare kunststofvaten. De overblijvende vloeistof in droog zand of inert materiaal laten opslorpen en naar een veilige plaats voeren. NIET laten opslorpen in zaagsel of in ander brandbaar materiaal. Gaspak met onafhankelijk werkend ademhalingsaparaat.
    Gescheiden van brandbare en reducerende stoffen, metalen , organische stoffen , voeding en voeder . Koel. Droog. Goed gesloten. In een goed verluchte ruimte bewaren.
    Aangepast materiaal. Onbreekbare verpakking; plaats breekbare verpakking in een gesloten onbreekbaar vat. Niet samen met voeding en voedingsmiddelen vervoeren.
    Symbool C
    Symbool T+
    Symbool N
    R: 26-35-50
    S: 1/2-7/9-26-45-61
    VN Gevarenklasse: 8
    VN Verpakkingsgroep: I
    LEES BELANGRIJKE INFORMATIE OP DE ACHTERZIJDE
    ICSC: 0107 Gemaakt binnen het kader van de samenwerking tussen het Internationaal Programma over Chemische Veiligheid en de Commissie van de Europese Gemeenschappen (C) IPCV, CEG 2002

    International Chemical Safety Cards

    BROOM ICSC: 0107

    B
    E
    L
    A
    N
    G
    R
    I
    J
    K
    E


    G
    E
    G
    E
    V
    E
    N
    S

    FYSISCHE TOESTAND; VOORKOMEN:
    ROKENDE RODE TOT BRUINE VLOEISTOF , MET SCHERPE GEUR.

    FYSISCHE GEVAREN:
    De damp is zwaarder dan lucht

    CHEMISCHE GEVAREN:
    Bij verhitting, worden giftige dampen gevormd. De stof is een sterk oxidatiemiddel en reageert hevig met brandbare en reducerende stoffen. Reageert hevig met ammoniakoplossing in water , metalen , organische stoffen en fosfor , met kans op brand en ontploffing. Tast sommige vormen van kunststof, rubber en bekledingen aan.

    BLOOTSTELLINGSGRENZEN:
    TLV: 0.1 ppm als TIJDGEWOGEN GEMIDDELDE; 0.2 ppm als drempelwaarde voor korte tijd; (ACGIH 2004).
    BIJ DE UITOEFENING VAN HET BEROEP TOEGESTANE EU BLOOTSTELLINGSGRENZEN: 0.1 ppm, 0.7 mg/m³ als TIJDGEWOGEN GEMIDDELDE; (EU 2004).


    WIJZE VAN OPNAME:
    Het product kan in het lichaam worden opgenomen door inademing van de dampen en door inslikken.

    INADEMINGSRISICO:
    Een voor de gezondheid schadelijke verontreiniging van de lucht, kan zeer snel worden bereikt bij verdamping van deze stof bij 20°C.

    EFFECTEN BIJ KORTSTONDIGE BLOOTSTELLING:
    Veroorzaakt tranende ogen. De stof is bijtend voor de ogen, de huid en de luchtwegen. Inademing van de damp kan op asthma lijkende reacties (RADS) teweeg brengen. Inademing van de damp kan longoedeem veroorzaken (zie Nota's). Blootstelling kan de dood veroorzaken. De effecten kunnen met vertraging optreden. Medische observatie is aangewezen. Bijtend bij inslikken.

    EFFECTEN BIJ LANGDURIGE OF HERHAALDE BLOOTSTELLING:
    Herhaalde of langdurige inademing kan een asthma-achtig syndroom (RADS) teweeg brengen.
    FYSISCHE
    EIGENSCHAPPEN
    Kookpunt: 58.8°C
    Smeltpunt: -7.2°C
    Relatieve dichtheid (water = 1): 3.1
    Oplosbaarheid in water, g/100 ml bij 20°C: 3.1
    Dampspanning, kPa bij 20°C: 23.3
    Relatieve dampdichtheid (lucht = 1): 5.5
    Relatieve dampdichtheid van het damp/lucht-mengsel bij 20°C (lucht = 1): 2.0
    MILIEUGEGEVENS

    N O T A ' S
    De symptomen van longoedeem worden vaak pas na enkele uren merkbaar en zij worden verergerd door lichamelijke inspanning. Rust en geneeskundige observatie zijn daarom noodzakelijk. Onmiddellijke behandeling door een arts of een door deze laatste gemachtigd persoon, met gepaste geneesmiddelen voor inademing dient overwogen te worden. De symptomen van asthma worden vaak pas na enkele uren merkbaar en zij worden verergerd door lichamelijke inspanning. Rust en geneeskundige observatie zijn daarom noodzakelijk. Thiosulfaat is reeds gebruikt om gemorste stof te neutralizeren.
    Kaart met gegevens voor noodgevallen tijdens het vervoer: TREMCARD (R)-80GCT1-I.

    NFPA gevarencode: H3; F0; R0; OX.
    BIJKOMENDE INFORMATIE
    Grenswaarden voor beroepsmatige blootstelling die in België van toepassing zijn
    ICSC: 0107 BROOM
    (c) IPCV, CEG 2002
    WETTELIJKE KENNISGEVING: Noch de CEG, noch het IPCV, noch de vertalers, noch enige persoon die optreedt voor de CEG of het IPCV zijn verantwoordelijk voor het gebruik dat van deze informatie zou kunnen worden gemaakt. Deze kaart geeft de visie weer van de groep van experten die in het kader van het International Programme on Chemical Safety de kaarten samenstellen en evalueren en kan afwijken van de door nationale wetgeving gedane aanbevelingen of verplichtingen. De gebruiker wordt dus verzocht om de voorschriften in zijn land te raadplegen en op te volgen.
    (c) IPCV, CEG 2002