International Chemical Safety Cards

ARSEEN ICSC: 0013

As
Atoommassa: 74.9
ICSC nr: 0013
CAS nr: 7440-38-2
RTECS nr: CG0525000
VN nr : 1558
EG nr : 033-001-00-X
18.10.1999 Goedgekeurd in vergadering van experten
SOORTEN GEVAAR/ BLOOTSTELLING ONMIDDELLIJK GEVAAR/ SYMPTOMEN VOORKOMEN EERSTE HULP/
BRANDBLUSSEN
BRAND Brandbaar. Er komen irriterende of giftige dampen (of gassen) vrij tijdens een brand.
GEEN open vuur. GEEN contact met sterke oxidatiemiddelen. GEEN contact met hete oppervlakken.
Poeder, sproeistraal van water, schuim, koolzuurgas.
ONTPLOFFING Brand- en ontploffingsgevaar is klein bij blootstelling onder vorm van fijn poeder of stof aan hete oppervlakken of vlammen.
Voorkom afzetting van stof; gesloten systeem en tegen stof-explosie beveiligde electrische uitrusting en verlichting.

BLOOTSTELLING
VOORKOM VERSPREIDING VAN STOF! VOORKOM ALLE CONTACT! VOORKOM BLOOTSTELLING VAN (ZWANGERE) VROUWEN!
RAADPLEEG IN ALLE GEVALLEN EEN ARTS!
  • Inademing
  • Hoesten. Keelpijn. Kortademigheid. Zwakte. Verder: zie Inslikken.
    Gesloten systeem en verluchting.
    Frisse lucht, rust. Kunstmatige ademhaling kan nodig zijn. Raadpleeg een arts.
  • Huid
  • Roodheid.
    Beschermende handschoenen. Beschermende kledij.
    Verwijder besmette kledij. Spoel de huid met veel water of neem een douche.
  • Ogen
  • Roodheid.
    Gelaatsscherm of oogbescherming in combinatie met ademhalingsbescherming als het poeder betreft.
    Eerst gedurende verschillende minuten spoelen met veel water (indien mogelijk contactlenzen wegnemen), dan naar een (oog)arts brengen.
  • Inslikken
  • Buikpijn. Diarree. Misselijkheid. Braken. Brandend gevoel in de keel en de borst. Shock of bezwijmen. Bewusteloosheid.
    Niet eten, drinken of roken tijdens het werk. Vóór het eten de handen wassen.
    Spoel de mond. Laten braken (ALLEEN VOOR SLACHTOFFERS DIE BIJ BEWUSTZIJN ZIJN!). Raadpleeg een arts.
    OPRUIMEN VAN GEMORSTE STOF OPSLAG VERPAKKING & ETIKETTERING
    Ontruim de gevarenzone! Veeg de gemorste stof bij elkaar en schep in afdichtbare vaten. Verzamel zorgvuldig de restanten, en voer daarna naar een veilige plaats. Chemisch bestendig werkpak met onafhankelijk werkend ademhalingsapparaat. Deze stof NIET in het milieu laten terecht komen.
    Gescheiden van sterk oxiderende stoffen, zuren, halogenen, voeding en voedingsmiddelen. Goed gesloten.
    Niet samen met voeding of voedingsmiddelen vervoeren.
    Is vervuilend voor zee.
    Symbool T
    Symbool N
    R: 23/25-50/53
    S: 1/2-20/21-28-45-60-61
    VN Gevarenklasse: 6.1
    VN Verpakkingsgroep: II
    LEES BELANGRIJKE INFORMATIE OP DE ACHTERZIJDE
    ICSC: 0013 Gemaakt binnen het kader van de samenwerking tussen het Internationaal Programma over Chemische Veiligheid en de Commissie van de Europese Gemeenschappen (C) IPCV, CEG 2002

    International Chemical Safety Cards

    ARSEEN ICSC: 0013

    B
    E
    L
    A
    N
    G
    R
    I
    J
    K
    E


    G
    E
    G
    E
    V
    E
    N
    S

    FYSISCHE TOESTAND; VOORKOMEN:
    REUKLOZE, BROZE, GRIJZE, METAALACHTIGE KRISTALLEN

    FYSISCHE GEVAREN:


    CHEMISCHE GEVAREN:
    Bij verhitting, worden giftige dampen gevormd. Reageert hevig met sterk oxiderende stoffen en halogenen, waardoor brand- en ontploffingsgevaar ontstaat. Reageert met zuren met vorming van het giftige arsine gas (see: ICSC # 0222).

    BLOOTSTELLINGSGRENZEN:
    Drempelwaarde: 0.01 mg/m3 (als TWA,) A1, BEI toegekend (ACGIH 2004).
    MAK:
    Groep van kankerverwekkende stoffen: 1; Groep m.b.t. genetische veranderingen in geslachtscellen: 3A;
    (DFG 2004).


    WIJZE VAN OPNAME:
    De stof kan in het lichaam worden opgenomen door inademing van de aerosol en door inslikken.

    INADEMINGSRISICO:
    Verdamping bij 20°C is verwaarloosbaar; een voor de gezondheid schadelijke concentratie van in de lucht zwevende deeltjes kan echter snel bereikt worden bij verstuiven .

    EFFECTEN BIJ KORTSTONDIGE BLOOTSTELLING:
    De stof is irriterend voor de ogen , de huid en de luchtwegen. De stof kan effecten hebben op het maag-darm kanaal , het hart en de bloedvaten , het centraal zenuwtelsel en de nieren , met als gevolg ernstige maagontsteking, verlies van vocht en electrolyten hartafwijkingen , shock , stuiptrekkingen en gestoorde werking van de nieren . Blootstelling boven de blootstellingsgrenswaarde kan de dood veroorzaken. De effecten kunnen met vertraging optreden. Medische observatie is aangewezen.

    EFFECTEN BIJ LANGDURIGE OF HERHAALDE BLOOTSTELLING:
    Herhaald of langdurig huidcontact kan huidontsteking veroorzaken. Herhaald of langdurig contact kan de huid gevoelig maken. De stof kan effecten hebben op slijmvliezen, huid het perifeer zenuwstelsel , de lever en het beenmerg , met als gevolg pigmentatie afwijkingen, hyperkeratose, perforatie van het neusseptum, neuropathie, gestoorde werking van de lever en bloedarmoede . Deze stof is kankerverwekkend bij de mens. Dierproeven tonen aan dat deze stof mogelijk schadelijk is voor de voortplanting of de ontwikkeling bij de mens.
    FYSISCHE
    EIGENSCHAPPEN
    Sublimatiepunt: 613°C
    Dichtheid: 5.7
    g/cm3
    Oplosbaarheid in water: geen
    MILIEUGEGEVENS
    De stof is giftig voor waterorganismen. Het is sterk aangeraden er voor te zorgen dat deze stof niet in het milieu terechtkomt vanwege de langdurige aanwezigheid.
    N O T A ' S
    De stof is brandbaar maar in de literatuur wordt geen vlampunt opgegeven. Afhankelijk van de mate van blootstelling, is regelmatig medisch onderzoek aangewezen. Werkkledij NIET mee naar huis nemen. Lees ook de kaarten voor specifieke arseenhoudende verbindingen, bijvoorbeeld, arseenpentoxide (ICSC # 0377), arseentrichloride (ICSC # 0221), arseentrioxide (ICSC # 0378), arsine (ICSC # 0222). Deze kaart werd gedeeltelijk aangepast in october 2004. Zie hoofdstukken: Blootstellingsgrenzen, EG classificatie en Noodgevallen.
    Kaart met gegevens voor noodgevallen tijdens het vervoer: TREMCARD (R)-61GT5-II.
    BIJKOMENDE INFORMATIE
    Grenswaarden voor beroepsmatige blootstelling die in België van toepassing zijn
    ICSC: 0013 ARSEEN
    (c) IPCV, CEG 2002
    WETTELIJKE KENNISGEVING: Noch de CEG, noch het IPCV, noch de vertalers, noch enige persoon die optreedt voor de CEG of het IPCV zijn verantwoordelijk voor het gebruik dat van deze informatie zou kunnen worden gemaakt. Deze kaart geeft de visie weer van de groep van experten die in het kader van het International Programme on Chemical Safety de kaarten samenstellen en evalueren en kan afwijken van de door nationale wetgeving gedane aanbevelingen of verplichtingen. De gebruiker wordt dus verzocht om de voorschriften in zijn land te raadplegen en op te volgen.
    (c) IPCV, CEG 2002