International Chemical Safety Cards

DIANTIMOONTRIOXIDE ICSC: 0012

Antimoontrioxide
Sb2O3
Molecuulmassa: 291.5
ICSC nr: 0012
CAS nr: 1309-64-4
RTECS nr: CC5650000
VN nr : 1549 (zie Nota's)
EG nr : 051-005-00-X
09.05.2003 Goedgekeurd in vergadering van experten
SOORTEN GEVAAR/ BLOOTSTELLING ONMIDDELLIJK GEVAAR/ SYMPTOMEN VOORKOMEN EERSTE HULP/
BRANDBLUSSEN
BRAND Niet brandbaar. Er komen irriterende of giftige dampen (of gassen) vrij tijdens een brand.

In geval van brand in de omgeving: gebruik geschikte blusmiddelen.
ONTPLOFFING


BLOOTSTELLING
VOORKOM VERSPREIDING VAN STOF! STRIKTE HYGIENE! VOORKOM BLOOTSTELLING VAN (ZWANGERE) VROUWEN!

  • Inademing
  • Hoesten. Hoofdpijn. Misselijkheid. Keelpijn. Braken.
    Plaatselijke afzuiging of ademhalingsbescherming.
    Frisse lucht, rust. Raadpleeg een arts.
  • Huid
  • Roodheid. Pijn. Blaren.
    Beschermende handschoenen.
    Verwijder besmette kledij. Spoel en was daarna de huid met water en zeep. Raadpleeg een arts.
  • Ogen
  • Roodheid. Pijn.
    Stof- of spatbril of oogbescherming in combinatie met ademhalingsbescherming als het poeder betreft.
    Eerst gedurende verschillende minuten spoelen met veel water (indien mogelijk contactlenzen wegnemen), dan naar een (oog)arts brengen.
  • Inslikken
  • Buikpijn. Diarree. Keelpijn. Braken. Brandend gevoel in de maag (Verder: zie Inademing).
    Niet eten, drinken of roken tijdens het werk.
    Spoel de mond. Rust. Raadpleeg een arts.
    OPRUIMEN VAN GEMORSTE STOF OPSLAG VERPAKKING & ETIKETTERING
    Veeg de gemorste stof bij elkaar en schep in afsluitbare vaten; indien nodig, eerst nat maken om stofvorming te voorkomen. Verzamel zorgvuldig de restanten en voer daarna naar een veilige plaats. Deze stof NIET in het milieu laten terecht komen. (Bijkomende persoonlijke bescherming: filtermasker met P2 filter voor schadelijke deeltjes.)
    Gescheiden van voeding en voedingsmiddelen .
    Niet samen met voeding en voedingsmiddelen vervoeren.
    Symbool Xn
    R: 40
    S: 2-22-36/37
    LEES BELANGRIJKE INFORMATIE OP DE ACHTERZIJDE
    ICSC: 0012 Gemaakt binnen het kader van de samenwerking tussen het Internationaal Programma over Chemische Veiligheid en de Commissie van de Europese Gemeenschappen (C) IPCV, CEG 2002

    International Chemical Safety Cards

    DIANTIMOONTRIOXIDE ICSC: 0012

    B
    E
    L
    A
    N
    G
    R
    I
    J
    K
    E


    G
    E
    G
    E
    V
    E
    N
    S

    FYSISCHE TOESTAND; VOORKOMEN:
    WIT KRISTALLIJN POEDER .

    FYSISCHE GEVAREN:


    CHEMISCHE GEVAREN:
    De stof ontleedt bij verhitting met vorming van giftige dampen . Reageert onder bepaalde omstandigheden met waterstof waarbij een zeer giftig gas (stibine) ontstaat.

    BLOOTSTELLINGSGRENZEN:
    Drempelwaarde: (voor antimoon) 0.5 mg/m³ (ACGIH 2003). Drempelwaarde: Antimoontrioxide (productie) A2 (ACGIH 2003).
    MAK:
    Groep van kankerverwekkende stoffen: 2
    (DFG 2002).


    WIJZE VAN OPNAME:
    De stof kan in het lichaam worden opgenomen door inademing.

    INADEMINGSRISICO:
    Een voor de gezondheid schadelijke concentratie van in de lucht zwevende deeltjes kan snel bereikt worden bij verstuiven.

    EFFECTEN BIJ KORTSTONDIGE BLOOTSTELLING:
    De stof is irriterend voor de ogen , de huid en de luchtwegen .

    EFFECTEN BIJ LANGDURIGE OF HERHAALDE BLOOTSTELLING:
    Herhaald of langdurig huidcontact kan huidontsteking veroorzaken. De longen kunnen aangetast worden bij herhaalde of langdurige blootstelling aan het stof van dit product. Tumoren zijn vastgesteld bij proefdieren maar dit heeft mogelijk geen belang voor de mens. Dierproeven tonen aan dat deze stof mogelijk schadelijk is voor de voortplanting of de ontwikkeling bij de mens.
    FYSISCHE
    EIGENSCHAPPEN
    Kookpunt: (sublimeert gedeeltelijk) 1550°C
    Smeltpunt: (zie Nota's) 656°C
    Dichtheid: 5.2/5.7 g/cm³ (zie Nota's)
    Oplosbaarheid in water, g/100 ml bij 30°C: 0.0014 (geen)
    Dampspanning, Pa bij 574°C: 130
    MILIEUGEGEVENS
    De stof is zeer giftig voor waterorganismen. Opstapeling van deze stof in levende organismen kan voorkomen in kreeftachtigen. Het is sterk aangeraden er voor te zorgen dat deze stof niet in het milieu terechtkomt.
    N O T A ' S
    Smeltpunt gemeten in afwezigheid van zuurstof. De dichtheid is afhankelijk van de kristalstructuur. Afhankelijk van de mate van blootstelling, is regelmatig medisch onderzoek aangewezen. De aanbevelingen op deze kaart zijn niet toepasbaar voor de blootstelling aan damp tijdens de productie. Het technische product kan onzuiverheden bevatten die de invloed op de gezondheid veranderen; voor meer informatie zie kaart 0013, Arseen. VN regelgeving: de bijzondere voorziening SP45 is toepasbaar voor VN number 1549 (Gevarenklasse 6.1 en verpakkingsgroep III). Dit houdt in dat antimoonsulfides en oxides die niet meer dan 0.5 % arseen bevatten, berekend op het totale gewicht, niet aan deze regelgeving onderworpen zijn.
    Kaart met gegevens voor noodgevallen tijdens het vervoer: TREMCARD (R)-61GT5-III
    .
    BIJKOMENDE INFORMATIE
    Grenswaarden voor beroepsmatige blootstelling die in België van toepassing zijn
    ICSC: 0012 DIANTIMOONTRIOXIDE
    (c) IPCV, CEG 2002
    WETTELIJKE KENNISGEVING: Noch de CEG, noch het IPCV, noch de vertalers, noch enige persoon die optreedt voor de CEG of het IPCV zijn verantwoordelijk voor het gebruik dat van deze informatie zou kunnen worden gemaakt. Deze kaart geeft de visie weer van de groep van experten die in het kader van het International Programme on Chemical Safety de kaarten samenstellen en evalueren en kan afwijken van de door nationale wetgeving gedane aanbevelingen of verplichtingen. De gebruiker wordt dus verzocht om de voorschriften in zijn land te raadplegen en op te volgen.
    (c) IPCV, CEG 2002